Berichten

Friese keallepoat

Streekbaksels, ik vind ze altijd interessant. Er zijn zoveel varianten te vinden, en elke streek heeft zijn eigen ‘collectie’ waarbij al die baksels vaak ook nog eens hun eigen verhaal hebben. Zo heeft de Friese keallepoat (kalverpoot op zijn Nederlands) een lange geschiedenis. De Germanen offerden vroeger levende dieren aan de watergeest, als dank voor het vele water dat leven mogelijk maakte. Later werden deze levende offers vervangen door offers die symbool stonden voor, in dit geval,  levende kalveren. De keallepoat was geboren. Twee repen koek worden aan elkaar gehecht door hard te knijpen. De koek lijkt op de twee voorpoten van een kalf. Het is een taaitaai achtige koek, maar met een kortere afbeet dan taaitaai. Ook worden er als kruiden enkel wat steranijs en anijs gebruikt. Het bereiden van deze koek vraagt wat ervaring en precisie, maar als je het proces eenmaal onder de knie hebt, dan heb je ook iets heel lekkers en kan je ook aan de slag met andere rogge-koekdegen. Dit recept is geschikt voor 4 Friese keallepoaten en kan het beste gemaakt te worden met een solide standmixer of deegkneder.

Ingrediënten:

Gronddeeg:

  • 335 gram roggebloem (liefst type 00)
  • 120 gram water
  • 270 gram honing

Voor het doorbraken:

  • 90 gram witte basterdsuiker
  • 80 gram vloeibare, heldere honing
  • 4 gram gemalen steranijs
  • 2 gram gemalen anijs
  • 8 gram azijn
  • 12,5 gram bakpoeder (gezeefd)
  • zonnebloemolie om het deeg mee af te strijken

Werkwijze:

  • Zeef de roggebloem in een hittebestendige kom.
  • Zet deze kom boven een pan met water en verwarm deze au bain marie tot de bloem 30 graden Celsius is.
  • Verwarm ondertussen op matig vuur in een ruime steelpan (pas op, het mengsel gaat borrelen!) al roerend het water en de honing tot 103 graden Celsius.
  • Zet de kom in de standmixer met kneedhaak en giet er al draaiend de kokende honing bij.
  • Kneed tot alle droge stof is opgenomen en stop dan.
  • De deegtemperatuur moet minimaal 65 graden Celsius zijn.
  • Druk het deeg wat plat en verpak het deeg in huishoudfolie en eg het deeg in de koelkast.
  • Laat het deeg minimaal 24 uur rusten.
  • Meng in een kom de basterdsuiker,  honing, steranijs, anijs en azijn.
  • Kneed dit door het gronddeeg tot alles goed verdeeld is. Ga niet langer door dan nodig, anders overkneed je het deeg en gaat het ontzettend plakken.
  • Kneed nu het bakpoeder door het deeg en stop wederom zodra het goed verdeeld is.
  • Verdeel het deeg in 8 gelijke stukken.
  • Rol elk stuk uit tot een rol van ca. 16 cm. breed.
  • Leg de rollen twee aan twee op een met bakpapier beklede bakplaat.
  • Bestrijk het deeg licht met zonnebloemolie.
  • Knijp de twee rollen deeg op drie plaatsen stevig aan elkaar.
  • Verwarm de oven voor op 210 graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte.
  • Zet de bakplaat in het midden van de oven en bak 9 minuten op 210 graden, bak vervolgens nog 8 minuten op 190 graden Celsius en daarna nog 5 minuten op 180.
  • Laat na het bakken even afkoelen op een rooster, maar zorg ervoor dat de koeken niet teveel uitdrogen.
  • Bewaarde koeken in een goed afgesloten trommel of plastic zak.

Bron: eigen recept geïnspireerd op een recept van Marten Boonstra

 

Fryske dúmkes

Naast de bekende (en heerlijke) Fryske sûkerbôle, is een andere bekende lekkernij uit Friesland natuurlijk de Fryske Dúmkes. De naam betekent “Fries duimpje” en dat verwijst naar de vorm van dit koekje dat gevuld is met gehakte hazelnoten, anijszaad en gemberpoeder. Het is een knapperig koekje met een heerlijke anijssmaak. De originele koekjes zijn lichter van kleur en wat harder dan de variant die ik nu maakte, maar omdat ze zo lekker zijn, wil ik ze je toch niet onthouden. Het recept is goed voor circa 20-25 koekjes.

Fryske dúmkes

Ingrediënten:

  • 125 gram Zeeuwse bloem (als je hier niet aan kunt komen kan je gewone tarwebloem gebruiken
  • 0,5 gram zout (1/8 theelepel)
  • 1,6 gram kaneelpoeder (1/2 theelepel)
  • 1,5 gram gemberpoeder (1/2 theelepel)
  • 1,5 gram anijspoeder (1/2 theelepel)
  • 3 gram anijszaad
  • 25 gram lichte basterdsuiker
  • 50 gram donkere basterdsuiker
  • 50 gram hazelnoten
  • 60 gram zachte roomboter
  • 1 eidooier
  • 1-2 eetlepels water

Werkwijze:

  • Doe de tarwebloem, zout, kaneelpoeder, gemberpoeder, anijspoeder, anijszaad, basterdsuiker bij elkaar in een kom en roer goed door met een garde.
  • Rooster de hazelnoten in een droge koekenpan op een halfhoog vuur tot ze kleuren.
  • Laat de hazelnoten afkoelen en hak ze in kleine stukjes.
  • Doe ook de hazelnoten in de kom en roer nog eens goed door.
  • Voeg nu de boter, eidooier en 1 eetlepel water toe.
  • Kneed het geheel kort tot een samenhangend deeg. Het deeg hoort vrij droog te zijn, het moet net genoeg samenhang vertonen, is het te droog voeg dan nog een beetje water toe, begin bij een halve eetlepel en kijk of het deeg dan goed is. Zo niet, voeg dan nog maximaal een halve eetlepel toe.
  • Laat het deeg ingepakt in huishoudfolie een 20 minuten rusten in de koelkast
  • Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius
  • Bestuif het werkblad met wat bloem en rol het deeg met een deegroller hierop uit tot een rechthoekige plak met een dikte van 1 cm.
  • Snijd rechthoekjes van 2 X 5 cm. en druk de hoekjes iets rond.
  • Leg de Fryske dûmkes op enige afstand van elkaar op een met bakpapier of siliconen bakmatje beklede bakplaat.
  • Bak de Fryske dûmkes in ca. 15 minuten gaar met de ovendeur op een heel klein kiertje om vocht te laten ontsnappen.
  • Laat de koekjes afkoelen op een rooster en daarna: is het smullen geblazen! 🙂

Bron: “Het Nederlands bakboek” door Gaitri Pagrach-Chandra