Breekbrood met cranberries, walnoten en camembert.

Dit brood is een heerlijk borrelbrood dat past bij elke situatie waarin je gezellig samen bent met familie en/of vrienden. Een breekbrood is ideaal om op tafel te zetten bij verjaardagen, feestdagen of als er ‘zomaar’ bezoek komt. Iedereen kan er makkelijk een bolletje aftrekken en deze in de gesmolten camembert dopen. Succes verzekerd! Het breekbrood heeft warme smaaktonen door de walnoten en de sinaasappel, af en toe afgewisseld door het friszure van een cranberry, wat  perfect past bij de iets zoutige, rijke smaak van de kaas. Dit recept is goed voor een breekbrood bestaande uit 20 stukjes brood.

Breekbrood met cranberries walnoten en camembert

Ingrediënten:

  • 100 gram gepelde walnoten
  • 600 gram bloem (geschikt voor broodbakken)
  • 9 gram (bakkers)zout
  • 6 gram instant gist
  • 330 gram water op kamertemperatuur
  • 20 gram olijfolie
  • 30 gram gekonfijte sinaasappelschilletjes, in kleine blokjes gesneden
  • 70 gram verse cranberries
  • 250 gram ronde camembert

Werkwijze:

  • Rooster de walnoten op een bakplaat in een voorverwarmde oven op 180 graden gedurende ca. 15 minuten.
  • Doe bloem, zout en gist in een kom en roer goed door elkaar.
  • Voeg water toe en kneed met de hand of in een machine tot een soepel deeg waar je een vlies van kan trekken.
  • Voeg de olie toe en kneed verder tot dit volledig is opgenomen.
  • Breek of snijd de afgekoelde walnoten in grove stukken.
  • Voeg de gekonfijte sinaasappelschilblokjes en de walnootstukjes toe en meng dit door het deeg.
  • Druk het deeg plat en verdeel de helft van de cranberries over tweederde van het deeg.
  • Vouw het onbedekte stuk deeg tot de heft van het bedekte stuk en vouw het bedekte stuk daar weer overheen. Je hebt nu feitelijk twee lagen met goed verdeelde cranberries.
  • Herhaal dit met de cranberries die je nog over hebt.
  • Bol het deeg op en leg dit in een ruime, ingevette kom en dek af met een deksel.
  • Zet deze kom weg bij 29 graden Celsius en laat ca. een uur rijzen tot dubbel volume. Je kan het deeg ook prima op kamertemperatuur laten rijzen, maar dan ben je iets langer bezig. Laat het deeg altijd leidend zijn.
  • Druk het deeg na het rijzen plat met de vlakke hand tot alle grote luchtbellen eruit zijn.
  • Verdeel het deeg in 20 gelijke stukjes van ca. 58 gram.
  • Bol elk stukje goed op.
  • Vet een ovenbestendig schaaltje of een metalen bakring ter grootte van de camembert in met bakspray en leg deze midden op een met bakpapier beklede bakplaat.
  • Leg hier eerst 10 bolletjes omheen en daar vervolgens de overige 10 bolletjes. Leg ze niet te strak op elkaar, want het deeg gaat nog rijzen.
  • Ik liet het deeg in een vochtige ruimte van 31 graden Celsius gedurende een uur rijzen. Laat je het deeg op kamertemperatuur rijzen, dan ben je langer onderweg. Zorg ervoor dat het deeg niet uitdroogt door het deeg bijv. af te dekken met een plastic bak en er een bakje dampend water naast te zetten. Het deeg is goed gerezen als je het met je vingertop voorzichtig indrukt en het vervolgens langzaam terug veert.
  • Verwarm de oven tijdig voor op 200 graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte.
  • Snijd de camembert bovenop flink in.
  • Bak het brood in het midden van de oven gedurende 12 minuten. Giet bij het inschieten iets water op de metalen opvangbak onderin de oven voor stoomvorming.
  • Laat de stoom na 12 minuten vrij en verlaag de temperatuur naar 180 graden Celsius. Haal hierbij de ring of het schaaltje uit het brood en leg er de camembert voor in de plaats.
  • Bak het brood nog eens 15 minuten op 180 graden Celsius.
  • Serveer het brood direct na het bakken als de kaas nog zacht is.

Bron: eigen recept.

 

Donuts

Eén keer per jaar staat hier een pan op het fornuis waarin wij frituren. Dat is met oud en nieuw en dat is voor mij dus de enige kans in het jaar om eens wat nieuws uit te proberen op frituurgebied. Naast de gebruikelijke appelbeignets en oliebollen maakte ik dit jaar ook donuts. Donuts blijken er in twee varianten te bestaan, een cake-achtige variant en de variant gemaakt met rijk brooddeeg die minder vet is. Ik heb de laatste variant gemaakt. De oorsprong wordt nogal betwist; er gaan vele verhalen rond over het ontstaan van deze zoete snack. Eén ervan is dat de Nederlanders, toen ze naar Amerika emigreerden, de oliekoek hebben meegebracht en deze in Amerika geëvolueerd is tot donut. Waar de ontstaansgeschiedenis ook moge liggen, heden ten dage is het een zeer populaire snack die ongevuld of gevuld en afgewerkt met chocolade, glazuur, spikkels, hagelslag, kaneel of fijne suiker in de winkels te vinden is. Voor elck wat wils dus! Ik maakte de ongevulde variant waarbij ik de donuts na het bakken door de fijne suiker haalde. Een paar maakte ik met eiwitglazuur en decoratie. Qua smaak is er weinig verschil, qua uiterlijk lijken die met glazuur wel erg feestelijk! Aan jou de keus wat je doet! Dit recept leverde mij 17 donuts op, uitgestoken met een ronde steker van 7 cm.

donuts

Ingrediënten:

Voor het deeg:

  • 300 gram patentbloem
  • 4,5 gram zout
  • 30 gram witte basterdsuiker
  • 9,5 gram instant gist
  • 50 gram ei op kamertemperatuur (=1 ei maat M)
  • 45 gram ongezouten roomboter op kamertemperatuur
  • 145 gram volle melk op kamertemperatuur
  • frituurolie

Voor de decoratie:

  • fijne kristalsuiker
  • eventueel wat abrikozenjam
  • glazuur: gemaakt van poedersuiker, gepasteuriseerd eiwit, beetje citroensap en evt. kleurstof
  • Sprinkles

Werkwijze:

  • Doe bloem, zout en witte basterdsuiker in een kom en roer goed door met een garde.
  • Voeg de gist toe en roer nog eens goed door en haal de garde uit de kom.
  • Voeg ei, roomboter en melk toe.
  • Kneed met de hand of met een standmixer tot een soepel deeg dat loslaat van de wanden van de kom.
  • Bol het deeg licht op en doe het in een licht met olie ingevette kom.
  • Dek af met een deksel en zet 30-45 minuten op een warm plekje van ca. 30 graden Celsius weg tot het in volume verdubbeld is.
  • Bestrooi je werkblad met wat bloem en rol het deeg voorzichtig uit tot een lap van ca. 1 cm dik.
  • Steek hier met een ronde steker van 7 cm. cirkels uit en steek daar met een ronde steker van 3 cm in het midden een gat uit. Leg de donutvormen op een bebloemde bakplaat op enige afstand van elkaar.
  • Klop zoveel mogelijk de bloem van de resten deeg af, kneed heel kort samen en rol weer uit tot een lap van 1 cm dik en steek hier weer donuts uit.
  • Laat de donuts op een tochtvrij plekje van ca. 31 graden Celsius rijzen gedurende een half uur.
  • Zorg in die tijd dat je de frituurolie op temperatuur krijgt (175 graden Celsius).
  • Pak de donuts voorzichtig met een vork, een taartschep oid. op van de bakplaat, zorg dat de vorm zoveel mogelijk behouden blijft, en doe ze in de pan.
  • Bak niet te veel donuts tegelijk omdat de temperatuur van de olie anders te veel zakt.
  • Bak ze aan elke kant 1 minuut tot ze mooi goudbruin zijn.
  • Wil je besuikerde donuts hebben, haal ze hier dan direct na het bakken doorheen en laat verder afkoelen op een met keukenrolpapier beklede schaal.
  • Wil je de donuts glazuren, dan laat je ze eerst afkoelen op een met keukenrolpapier beklede schaal.
  • Indien gewenst kan je wat abrikozenjam verdunnen met iets water en verwarmen. Zeef de grote stukken eruit en smeer de overgebleven warme jam voor het glazuren op de donut.
  • Maak de glazuur door poedersuiker met iets gepasteuriseerd eiwit te vermengen tot een dikvloeibare brij. Verdun met een klein kneepje citroensap. Het glazuur moet dikvloeibaar zijn.
  • Giet dit over de donuts en besprenkel direct met musketzaad, sprinkles, hagelslag of andere decoratie.

Bron: eigen recept

Churros

Wij frituren nooit, behalve met oud en nieuw, dan komt de oranje ge-emailleerde pan met roze en paarse bloemetjes uit de kast en bak ik de hele dag door appelbeignets en oliebollen. Elk jaar bak ik dan ook nog iets nieuws van mijn to-do lijst. Dit jaar waren het de churros.
Bij wijze van kerstpakket had ik mijzelf de “Bakbijbel, Rutger bakt van a tot z” van Rutger van den Broek cadeau gegeven. Een vriendin van me vroeg of ik wel eens churros had gemaakt of gegeten. Ik moest op beide vragen “nee” antwoorden. Toen ik heerlijk met de bakbijbel op de bank gekruld zat, bleek daar het recept voor churros in te staan. Dat kwam natuurlijk ontzettend goed uit! Andere recepten uit dit zeer complete boek, ga ik ook vast nog eens maken, want het ziet er allemaal even heerlijk uit! Jammer vind ik wederom, (hier erger me ik in heel veel bakboeken aan), het gebruik van eetlepels en theelepels in plaats van grammen. (Je bent een Pietje Precies of je bent het niet…) Even terug naar de churros: die waren geweldig lekker! Zelfs zo lekker dat deze veruit als eerste op waren en de appelbeignets en oliebollen eventjes hebben moeten wachten op liefhebbers. Met dit recept maak je ongeveer 20 stuks.

churros

Ingrediënten:

  • 160 gram melk
  • 160 gram water
  • 50 gram suiker
  • 40 gram ongezouten roomboter
  • 0,75 gram zout (1/4 theelepel)
  • 200 gram bloem
  • 100 gram ei (ca. 2 eieren maat M)
  • 300 gram suiker
  • 7 gram gemalen kaneel
  • 125 gram slagroom
  • 100 gram fijngehakte, pure chocolade
  • klontje roomboter
  • Frituurolie

Werkwijze:

  • Doe melk, water, suiker, boter en zout in een ruime pan en breng dit aan de kook.
  • Haal de pan van de warmtebron en voeg alle bloem ineens toe.
  • Roer goed tot alle bloem is opgenomen en je een klontvrije bal deeg hebt.
  • Laat het deeg in ca. 10 minuten afkoelen tot de temperatuur beneden de 55 graden is gekomen.
  • Roer daarna een ei door het deeg tot dit helemaal opgenomen is en voeg dan het tweede ei toe en doe daar hetzelfde mee.
  • Verwarm de olie tot 180 graden (controleer de temperatuur goed: als deze te koud is wordt je baksel te vet, is ze te warm, dan wordt je baksel te droog en gaat de olie walmen.
  • Vermeng ondertussen 300 gram suiker met 7 gram kaneel en doe dit in een schaal.
  • Doe het deeg voor de churros in een spuitzak met een stervormig spuitmondje. De maat van het spuitmondje bepaalt de aard van de churros. Wil je een zachte binnenkant? Neem dan een spuitmondje maat 10-11 mm, heb je ze liever krokant, neem dan een kleinere maat. In Spanje heb je speciale churrosmakers te koop, een soort spuit met een speciaal schuifje waar je het deeg doorheen drukt. (kijk ook even naar de foto onderaan deze blogpost).
  • Spuit slierten van ca. 12  cm en knip na iedere sliert het deeg door en ga verder met spuiten.
  • Bak in de olie tot de churros licht goudbruin zijn.
  • Laat even uitlekken in een schuimspaan en rol ze dan (terwijl ze nog warm zijn) door de kaneelsuiker tot ze helemaal bedekt zijn.
  • Maak na het bakken de chocoladesaus (indien je dit lekker vindt, voor mij voegde de saus niet heel veel toe) door de slagroom aan de kook te brengen, de pan van de warmtebron te nemen en hier de chocolade in te smelten. Voor een mooie glans kun je er nog een klontje roomboter doorheen roeren.
  • Serveer met de chocoladesaus en houd ze goed in de gaten, voor je het weet zijn ze verdwenen!

Bron: “Bakbijbel Rutger bakt van A tot Z” door Rutger van den Broek.

spuitmondjes churros

Het linker spuitmondje met een diameter van 11 mm, gaf weinig ribbels aan de buitenkant van de churros, maar wel ene lekker zachte binnenkant, het rechter spuitmondje gaf een prachtig uiterlijk, maar wel een in het geheel krokantere churro. Het rechter spuitmondje lijkt het meeste op de vorm die een churrera (apparaatje om churros mee te maken) ook heeft.

Berlinerbollen

Slechts één keer per jaar wordt hier de frituurpan (een prachtig gietijzeren, oranje exemplaar met roze bloemetjes) afgestoft en mag hij de keuken in om zich nuttig te maken. Voordat hij zijn intrede doet, plak ik de boel hermetisch af met aluminiumfolie, dat scheelt na de tijd heel wat vette spetters wegboenen, maar dat spetteren komt vooral door het frituren van de appelbeignets. Deze Berlinerbollen zijn een goed (spettervrij) alternatief en te vullen met vele verschillende soorten vullingen zoals jam, banketbakkersroom of misschien zelfs wat lemon curd. Leef je uit!

berlinerbollen

Ingrediënten:

  • 100 + 200 gram patentbloem
  • 5 gram zout
  • 18 gram melkpoeder
  • 25 gram suiker
  • 12 gram instant gist
  • 24 gram eidooier
  • 60 gram boter
  • 165 gram water op kamertemperatuur
  • jam of banketbakkersroom

Werkwijze:

  • Meng 100 gram bloem, de gist en het water in een kom.
  • Laat 25 minuten staan op een tochtvrije plek van 25 graden Celsius.
  • Meng de overige ingrediënten bij en kneed in een standmixer of met de hand tot een samenhangend deeg.
  • Leg het deeg in een ingevette kom en sluit af met een deksel.
  • Laat een half uur op een tochtvrije plek van 26 graden Celsius staan.
  • Verdeel het deeg in 15 gelijke stukken en bol deze op.
  • Laat nog 30 minuten rijzen op een vochtige, tochtvrije plek van 28 graden Celsius.
  • Zorg ervoor dat de olie aan het eind van de rijstijd 170-175 graden Celsius is. Dit kan je controleren met een thermometer (analoog als je op inductie kookt!) of door een pollepel in het vet te steken, als er bubbeltjes ontstaan in de temperatuur ongeveer goed.
  • Leg per keer niet te veel bolletjes in het vet, de temperatuur zakt dan te veel en de bollen zullen te vet worden.
  • Frituur de bollen ca. 7 minuten tot ze goudbruin zijn.
  • Laat ze uitlekken en rol ze door de fijne suiker of bestrooi met poedersuiker of decoratiepoeder.
  • Snijd ze een stukje in en vul met jam of banketbakkersroom.

Bron: eigen recept

 

Appelbollen

Na een hele gezellige kerst gaan we vrolijk verder naar het volgende feest: Oud en Nieuw. Dit jaar ga ik in ieder geval weer oliebollen en appelbeignets bakken en misschien ook nog wel kniepertjes. Voor hen die geen zin hebben om te gaan knoeien met frituurvet, zijn deze appelbollen een hele goede vervanging. Makkelijk en snel te maken en je hebt er geen frituurpan voor nodig, alleen een oven. Dit recept is goed voor 4 appelbollen.

Appelbollen

Ingrediënten:

  • 45 gram sultana rozijnen
  • 1,5 tl rum-aroma
  • Heet water
  • 4 niet al te grote appels, bijv. Goudreinette of Elstar
  • Amandelspijs
  • 45 gram kaneelsuiker
  • 8 plakjes bladerdeeg
  • Losgeklopt ei
  • Grove kristalsuiker of rietsuiker
  • 4 aluminium appelbolbakjes (of deze zelf maken van aluminiumfolie)

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 215 graden Celsius.
  • Wel de rozijnen in het rum aroma en een beetje heet water (tot ze net onder staan).
  • Laat de plakjes bladerdeeg ontdooien.
  • Schil de appels en haal het klokhuis er ruim uit met een appelboor.
  • Stop het gat dicht met wat amandelspijs.
  • Laat de rozijnen goed uitlekken, dep droog en meng met de kaneelsuiker.
  • Vul ieder gat met het rozijnen-suikermengsel.
  • Sluit het gat af met een beetje amandelspijs.
  • Leg twee plakjes bladerdeeg op elkaar en rol het uit tot 1,5 X zo groot als het originele plakje.
  • Bedek de appel volledig met het bladerdeeg: vouw aan de onderkant eerst de vier punten op elkaar en druk dan het overige deeg aan.
  • Leg de appelbollen met de naad naar onderen in het aluminium appelbolbakje.
  • Bestrijk de bollen met losgeklopt ei.
  • Bestrooi met grove suiker of rietsuiker.
  • Prik in de bovenkant twee gaatjes om de stoom te laten ontsnappen.
  • Bak de bollen in ca. 30-35 minuten goudbruin en gaar.

Bron: eigen recept

Oliebollen

Jarenlang bakte ik met oud en nieuw enkel appelbeignets, maar dit jaar ga ik me ook eens wagen aan de oliebollen. Zeker nadat we vorige week bij een oliebollenkraam meenden een lekkere hap te kunnen nemen uit een oliebol en we teleurgesteld conludeerden dat het een koude, rubberachtige stuiterbal bleek te zijn. en daar betaal je dan een euro per oliebol voor! Misschien een tikje overmoedig, maar ik dacht direct: “dat moet ik beter kunnen”. We zullen morgen zien of dat inderdaad het geval is. Het recept dat ik wil gebruiken zal ik alvast met jullie delen. Morgen zal er ook een foto bij komen. Het recept is goed voor ongeveer 20 oliebollen.

Oliebollen

Ingrediënten:

  • 500 gram super patent kristalbloem, broodbloem of tarwebloem
  • 3/4 theelepel zout (6,5 gram)
  • 1 eetlepel suiker (16,5 gram)
  • 2 1/4 theelepel instant gist (9,5 gram)
  • een flinke mespunt verse citroenrasp (liefst biologisch)
  • 2 eieren goed losgeklopt
  • ca. 350 ml lauwwarme melk
  • 100 gram krenten
  • 100 gram sultana rozijnen
  • 1 frisse appel, zoals jonagold of goudreinet; in kleine stukjes (naar keuze)
  • zonnebloem- of arachideolie, voor het frituren
  • Poedersuiker voor het bestrooien

Werkwijze:

  • Laat de rozijnen en krenten een avond van tevoren wellen en laat deze drogen aan de lucht.
  • Zorg ervoor dat alle ingrediënten op kamertemperatuur zijn voor je ze gebruikt.
  • Doe de bloem met het zout, de suiker, gist en citroenrasp in een grote kom.
  • Voeg de eieren en melk toe en klop alles grondig gedurende 4 minuten.
  • Meng de krenten en rozijnen door het beslag, samen met de stukjes appel als je die gebruikt.
  • Dek de kom af met plasticfolie of een vochtige doek.
  • Laat het beslag op een warme, tochtvrije plek staan tot het in volume verdubbeld is. Zorg ervoor dat vanaf nu je werkplek tochtvrij is.
  • Verhit de olie tot 175 graden Celsius. Gebruik een pan zonder mandje, anders blijft het deeg er aan kleven.
  • Roer het beslag met een houten pollepel in 12 slagen door.
  • Zet een grote soeplepel, ijsbollentang of twee eetlepels in een bekertje olie, dit voorkomt dat het beslag aan de lepel blijft plakken.
  • Maak een bolletje ter grootte van een pruim en laat deze in de hete olie glijden.
  • Doe niet te veel bolletjes deeg tegelijk in de pan, tijdens het bakken worden ze in ieder geval een keer zo groot en zo voorkom je dat de temperatuur van het vet ineens te snel zakt.
  • Bak de oliebollen in ongeveer 6,5 minuut goudbruin. Na 3 minuten de bollen helpen met kantelen. De bol hoeft maar 1 keer gekeerd te worden.
  • Schep de oliebollen uit de pan met een schuimspaan en laat uitlekken in een met keukenpapier beklede vergiet.
  • Doe tussen de oliebollen ook een paar lagen keukenpapier.
  • Eet de oliebollen warm en bestoven met poedersuiker.
  • Bewaar de oliebollen niet in de koelkast maar op een droge plek in huis bij ca. 17 tot 20 graden.
  • Als het nodig is de oliebollen op te warmen volstaat 10 seconden in de magnetron of 5 minuten in een voorverwarmde oven van 175 graden.

Bronnen: Het Nederlands bakboek geschreven door Gaitri Pagrach-Chandra en www.oliebollen.net

P.s. Ik had mezelf gelukkig niet overschat, de oliebollen zijn heerlijk licht en luchtig geworden en nauwelijks vettig. Ze waren dan ook zo op, deze eerste keer was zeker niet de laatste keer zijn dat ik ze heb gebakken!

 

Knieperties

Denken de meeste mensen bij baksels rond oud en nieuw aan oliebollen en appelbeignets, in het oosten van het land kent men ook de knieperties, ook wel knijpertjes, kniepertjes, kniepkouskes, rollechies, ies’nkoek’n of fluitjes genoemd. Het is in alle gevallen een dun, hard wafeltje. Het wordt gemaakt door een deegballetje of beslag te bakken in een speciaal oublie-ijzer. Vroeger werd dit gedaan in een wafelijzer gemaakt van gietijzer dat in het vuur werd gehouden, wat vast een zwaar karwei was.  Tegenwoordig zijn er speciale elektrische wafelijzers te koop voor het bakken van knieperties. Er zijn verschillende recepten; maar bij een rondvraag op Twitter bleek dat bijna iedereen de knieperties van een deegballetje maakt, maar het recept dat ik van de oma van mijn man kreeg is voor beslag. De wafels worden dunner en brosser als ze van beslag gemaakt worden i.p.v. deeg. Volgens Wikipedia worden dek kniepertjes in december als platte wafeltjes gegeten, als symbool voor het oude jaar dat zich ontvouwen heeft, in het nieuwe jaar worden ze geserveerd als rolletjes als symbool voor het nieuwe jaar dat zich nog moet ontrollen. Het recept is goed voor zo’n 20 knieperties.

Kniepertjes knijpertjes

Ingrediënten:

  • 250 gram tarwebloem
  • 125 gram lichte basterdsuiker
  • 12 gram vanillesuiker
  • 2 gram gemalen anijs
  • 1/2 ei, (30 gram)
  • 75 gram zachte boter op kamertemperatuur
  • 250 ml water (mag ook iets meer zijn om het beslag op de juiste dikte te brengen)
  • beetje zonnebloemolie om het ijzer in te vetten

Werkwijze:

  • Doe de bloem, basterdsuiker, vanillesuiker en anijs in een kom en roer door met een garde.
  • Voeg het ei, de boter en het water toe en roer met de mixer tot een glad, dik beslag.
  • Vet voor het bakken een keer het ijzer licht in met wat zonnebloemolie.
  • Verwarm het ijzer voor en als je de mogelijkheid hebt, zet de stand dan niet op “donker” maar op “licht”, de wafeltjes verkleuren namelijk snel en als ze te donker worden smaken ze bitter.
  • Neem een sauslepel met beslag en giet deze midden op de wafelplaat.
  • Doe het ijzer direct dicht en druk even licht aan.
  • Bij mij waren ze na circa 55 seconden klaar.
  • Als je een plat wafeltje wilt haal je deze met een vork uit het ijzer en legt deze plat op een taartrooster om af te koelen.
  • Als je een rolletje wilt maken leg je een rolstokje of de steel van een pollepel op het knijpertje terwijl deze nog op het ijzer ligt. Met de vork vouw je het eerste stukje wafel om het stokje heen en vervolgens rol je het op. Werk snel, het knijpertje wordt snel hard.
  • Leg het rolletje op een taartrooster om af te koelen en hard te worden.
  • Zodra de buitenkant hard is kun je het stokje eruit halen zodat ook de binnenkant van het rolletje kan uitwasemen.
  • Bak verder tot het beslag op is.
  • De rolletjes worden vaak gevuld met slagroom geserveerd.

Eet smakelijk en een gelukkig nieuwjaar!

Kniepertjes bakken

Appelbeignets

Nu we het kerstfeest weer achter de rug hebben, nadert met rasse schreden de jaarwisseling. Nog een laatste feestje voor het jaar weer ten einde is, en we met z’n allen nog even achterom kijken naar wat het oude jaar ons gebracht heeft om vervolgens met frisse moed aan het nieuwe jaar te beginnen.
Ik kan met tevredenheid terug kijken op 2012, het jaar waarin we onder andere verhuisden van het oosten naar het noorden van het land, maar waar we ons al helemaal thuis voelen. Het jaar waarin ik begon met baksels.net; iets wat een hele goede beslissing is geweest! Ik heb er veel nieuwe mensen door leren kennen, mocht vele positieve reacties ontvangen, kreeg bestellingen en mocht mensen leren broodbakken. Ik werk met heel veel plezier aan de website en ik hoop de website en de activiteiten in het nieuwe jaar nog verder uit te breiden.
Tot zover de plannen voor het nieuwe jaar, eerst nog een post over appelbeignets bakken, iets dat hier inmiddels traditie is geworden. Op oudejaarsdag bekleed ik het fornuis en de tegels met aluminiumfolie, gaat de frituurpan (nog een echte ouderwetse oranje ge-emailleerde pan) op het fornuis en gaat de radio op de foute top 111. Zo staan manlief en ik samen zingend en swingend de appelbeignets te bakken. Het huis ruikt naar appel en kaneel en iedereen komt even snoepen van de appelbeignets die al klaar zijn. Ieder jaar maken we er weer te veel, dus gaan we meestal ook even met een schaal bij de buren langs, inmiddels is dat allemaal een traditie geworden, waar -als het aan mij ligt- voorlopig geen verandering in komt! Het volgende recept is goed voor zo’n 35-40 appelbeignets.

Appelbeignets

Ingrediënten:

  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • flinke snuf zout
  • 2 eieren
  • 2 dl melk
  • 8 goudreinetten
  • 4 eetlepels suiker
  • 2 theelepels kaneel
  • frituurolie
  • poedersuiker voor het bestrooien

Werkwijze:

  • Doe het zelfrijzend bakmeel met het zout in een kom.
  • Maak een kuiltje en doe de eieren erin.
  • Voeg de helft van de melk toe.
  • Roer van het midden uit tot een gladde, soepele massa. Ik doe dit meestal met de mixer.
  • Voeg al roerend de rest van de melk toe.
  • Haal met een appelboor het klokhuis uit de appelen.
  • Schil ze en snijd ze in plakken van ca. 7 mm (je krijgt nu ronde schijven met een gat in het midden)
  • Meng in een soepbord de suiker en de kaneel met elkaar.
  • Laat de olie in de pan opwarmen tot 180 graden Celsius. Als je geen thermometer hebt waarmee je dit kunt meten, kan het volgende trucje helpen: houd een houten pollepel of een broodkorst in de olie, als het begint te borrelen is de olie op de juiste temperatuur.
  • Neem het liefst een lange vleesvork, prik deze door het gat van de appelring heen.
  • Haal de appel eerst door het suiker en kaneelmengsel en vervolgens door het beslag.
  • Laat heel kort het ergste overtollige beslag eraf lopen (alles moet nog wel bedekt zijn anders komt het sap uit de appel bij de olie en gaat het spetteren) en doe de appelbeignets in de frituurpan.
  • Bij mij passen er vier appelbeignets tegelijk in de pan, als ze beginnen te kleuren, draai ik ze om.
  • Zorg ervoor dat de olie op de juiste temperatuur blijft; te koud en de appelbeignets zullen heel zwaar en vet worden, te heet en de olie gaat walmen.
  • Zodra ze rondom goudbruin zijn kun je ze er met de vleesvork uithalen en laten afkoelen in een bakje bedekt met keukenrolpapier.
  • Serveren met poedersuiker.

Tips:

  • Houd extra suiker en kaneel en ingrediënten voor het beslag bij de hand, als je nog wat appels over hebt kun je snel wat bij maken.
  • Beplak voor het bakken de keuken met aluminiumfolie, dat scheelt je na het bakken een heleboel schoonmaak werk.
  • Ik bedenk de vloer voor het fornuis met een paar kranten, dit absorbeert het gespatte vet en voorkomt dat je vloer glad wordt.

Bij deze wil ik iedereen (alvast) een heel goed 2013 wensen, met heel veel bakplezier!

Het recept komt uit “Elseviers pocketkookboek” geschreven door E. Nakken-Rövekamp