Roomboter

Dit verhaal over roomboter maken, begon bij een berg tomaten uit eigen tuin. Nu denk je vast dat roomboter en tomaten wellicht een niet zo logische combinatie zijn en dat klopt natuurlijk, toch zijn deze in dit geval met elkaar verbonden. Omdat ik een enorme berg tomaten uit de tuin had gehaald en hier ketchup van wilde maken, ging ik even buurten bij een buurvrouw van wie ik wist dat zij een fermenteerboek met een recept voor tomatenketchup had. Bij aankomst daar bleek dat ze niet 1 fermenteerboek had, maar wel 3. De vraag rees in welk boek het bewuste recept stond, we wisten het beiden niet, dus kreeg ik de hele stapel in mijn handen geduwd en kon ik thuis op mijn gemak lezen. Het ging me in eerste instantie om het recept voor ketchup, maar ik stuitte op zoveel meer leuks dat er al snel veel meer potten op het aanrecht stonden te pruttelen. Een van de dingen die mijn aandacht trok was het maken van roomboter. (En zo stonden de tomaten en de roomboter in verbinding met elkaar 😉 )

Er zijn 2 manieren om roomboter te maken: zoete roomboter die in Amerika en Engeland veel gegeten schijnt te worden en de aangezuurde roomboter die we hier in Nederland en een groot deel van Europa kennen. Ik maakte beide varianten zodat ik deze kon vergelijken. Ik moet zeggen dat het verschil in de beide soorten boter niet enorm was. De aangezuurde boter was wat complexer en dieper van smaak. Wat wel enorm verschilde was de karnemelk die over bleef. De aangezuurde variant werd een overheerlijke karnemelk zoals ik hem al lang niet meer uit de winkel had geproefd. Wie trouwens bang is dat hij zijn slagroom snel in de boter slaat…dat bleek nog wel mee te vallen…ik had een paar lamme armen eer ik echte boter en karnemelk in mijn kom had liggen! De roomboter is uiteraard te mengen met kruiden voor kruidenboter, met zout voor gezouten boter en ga zo maar door. Dit recept is goed voor ca. 180 gram roomboter bij gebruik van slagroom met 35% vet. Op de foto van links naar rechts: zoete roomboter, kruidenroomboter en aangezuurde roomboter.

roomboter

Zoete roomboter:

Ingrediënten:

  • 500 gram koude slagroom met ten minste 35% vet

Werkwijze:

  • Doe de koude slagroom in een koele kom.
  • Klop de slagroom op met een elektrische mixer, eerst krijg je slagroom, ga je door (en dat kan best even duren) dan klonteren de vetbolletjes aan elkaar en scheiden ze zich af van het vocht.
  • Ga door met mixen tot je klonters boter in een plas vocht ziet.
  • Giet het geheel door een zeef.
  • Spoel de roomboter meerdere keren goed uit met ijskoud water tot het vocht dat eraf komt, helemaal helder is. Doe je dit niet, dan bederft je boter erg snel.
  • Knijp de boter met schone handen bij elkaar zodat al het vocht eruit gaat.
  • Doe de roomboter in een schone bak en bewaar koel.

Aangezuurde of gecultiveerde roomboter:

Ingrediënten:

  • 500 gram slagroom met ten minste 35% vet
  • 30 gram (biologische) karnemelk

Werkwijze:

  • Giet de slagroom en de karnemelk in een brandschone pot en meng goed door elkaar.
  • Dek af met een schone zakdoek die je met een elastiekje vastzet en laat de pot bij kamertemperatuur 24 uur staan.
  • Zet de pot dan een aantal uur in de koelkast totdat de inhoud volledig is teruggekoeld naar ca. 4 graden Celsius.
  • Klop het mengsel totdat de boter zich van het vocht scheidt. Dit kan best even duren, dus geef niet te snel op.
  • Giet het mengsel in een zeef en vang de karnemelk op in een kom.
  • Laat goed uitlekken terwijl het geheel in de koelkast staat.
  • De karnemelk kan je direct opdrinken of gebruiken als starter voor een volgend project.
  • Spoel de boter meerdere malen goed uit met ijskoud water tot het water helemaal helder blijft. Spoel je de boter niet goed uit dan zorgen de restjes karnemelk al snel voor bederf.
  • Knijp al het resterende water met schone handen uit de boter en bewaar de boter op een koele plek in een schoon bakje.

Bron: zoete boter: eigen recept. Het recept voor aangezuurde boter kwam in dit geval uit het boek “Verrot lekker” van Christian Weij, maar ik vond het ook in “Over rot” van Meneer Wateetons en “Fermenteren, het meest complete handboek” van Adam Elabd en op diverse websites.

 

Roomkaas

Alweer een paar jaar geleden werd ik gemaild door een enthousiaste lezeres van mijn blog. Zij volgde mijn blog al een tijdje en had dezelfde passie voor Noorwegen als ik, een nog wat grotere passie zelfs, want zij had de Noorse taal gestudeerd en er daarom zelfs een half jaar gewoond! Van dat ene mailcontact kwamen nog meer mailtjes en uiteindelijk een afspraak in real life. Inmiddels zijn we al een paar jaar goede vriendinnen en danken daarom de uitvinder van het internet, en niet alleen vanwege dat eerste mailcontact. Zij woont namelijk zo ver van Friesland vandaan als bijna maar mogelijk is in Nederland. Aan de ene kant is dat natuurlijk ontzettend jammer, aan de andere kant helpt het internet ons om toch zeer regelmatig contact te hebben en zo lijkt de afstand een beetje kleiner. Zelfs toen we op vakantie waren -ik in Noorwegen en zij in Denemarken- vlogen de belevenissen en vakantiefoto’s over de digitale snelweg. Zij vertelde me dat ze in een Deens blad (Spis bedre) een leuk recept had zien staan voor roomkaas dat ze thuis wilde gaan proberen. Eenmaal thuis kwam er een mail mijn kant op met het recept daarvan, want het was meer dan goedgekeurd! Creatief als mijn vriendin is met eten, had ze het recept ook al geprobeerd met geitenyoghurt en de ene na de andere toevoeging wat ik door de roomkaas kon mengen vloog me om de oren. Fijn, maar eerst maar eens beginnen bij de basis. De kaas werd heerlijk, maar wel heel erg vast. Ik heb het mengsel waarschijnlijk te hoog verhit en te veel uitgeknepen. Gelukkig was deze versie prima voor warme gerechten en is een deel verdwenen in de macaroni en een deel door opgebakken courgette gegaan samen met wat pepertjes. Poging twee was helemaal goed; ik kreeg heerlijk friszure roomkaas die prima smeerbaar was. De toepassingsmogelijkheden zijn legio: op brood, toast, door salade mengen, in warme gerechten… en dan heb je ook nog eens legio mogelijkheden om smaakjes toe te voegen. Voor deze twee varianten gebruikte ik verse bieslook uit eigen tuin (rechts op de foto) en voor de andere variant heb ik wat Italiaanse kruidenmix door de kaas gemengd, deze werkte prima op crackers, maar ook als dip bij bugles-chips . Je zou er ook nog grove ananasjam door kunnen mengen, wat grof zeezout, basilicum, knoflook, citroen- of limerasp, tijm enz. enz.

roomkaas

Ingrediënten:

  • 800 gram volle yoghurt
  • 500 gram crème fraiche
  • smaakmakers naar keuze

Werkwijze:

  • Meng de yoghurt en crème fraiche met elkaar in een ruime pan.
  • Verwarm dit mengsel al roerend naar 55-60 graden Celsius, je zal het een tikje zien gaan schiften.
  • Laat het mengsel in een met een kaasdoek of schone theedoek beklede zeef uitlekken tot de gewenste dikte . Hoe meer vocht je eruit laat lekken, hoe steviger je mengsel wordt.
  • De wei die eruit lekt kan je gebruiken voor het maken van een brood: //www.baksels.net/site/wit-busbrood-met-wei/
  • Meng je roomkaas met verschillende smaakmakers en kijk wat je lekker vindt, eet smakelijk!

Bron: Spis bedre

 

 

Aardbeienjam met minder suiker

In Noorwegen kopen wij altijd heerlijke jam, voor gebruik daar maar er gaan ook zeker een aantal potten mee naar huis! De jam bevat minder suiker dan de standaard jam in Nederland, bevat hele aardbeien (niet altijd even praktisch tussen een boterham, maar wel erg lekker!) en is wat dunner dan de Nederlandse jam. Ook dit jaar sleepten wij een aantal potten jam mee naar huis. Maar ai…wat als die leeg zijn en je geen zin hebt om op de jam uit de schappen van de Nederlandse supers over te stappen? Het antwoord is natuurlijk: zelf maken! We kochten (de aardbeienplanten in onze tuin hebben de zeer droge zomer helaas niet overleefd) een partij heerlijk zomerse aardbeien en maakten daar net zo lekkere jam mee als we in onze vakantie aten! Ik had de Noorse potjes bewaard en deed hier de aardbeienjam in, net echt! De zomer(vakantie) gevangen in een potje. 🙂 Met dit recept vulde ik 3 (en een halve) potten van 400 gram.

aardbeienjam

Ingrediënten:

  • 1000 gram schoongemaakte en ontkroonde aardbeien
  • 400 gram Van Gilse geleisuiker speciaal (hiermee maak je minder zoete jam dan de standaardversie)

Werkwijze:

  • Steriliseer de schoongemaakt potten die je wilt gebruiken. Dit kan door de potten in een grote pan op een theedoek te zetten tot ze helemaal onder water staan en deze 15 minuten te koken. De potten kan je voorzichtig uit de pan halen met een pottentang, pas goed op dat er geen kokend water uit de potten klotst! Je kan de potten ook in de oven zetten en ze 15 minuten bij 160 graden Celsius verhitten.
  • Terwijl je de potten steriliseert, maak je de jam. Je kan de potten dan vullen terwijl ze nog warm (en steriel) zijn.
  • Doe de ontkroonde aardbeien in een ruime pan.
  • Doe hier de geleisuiker bij. We gebruiken geleisuiker in plaats van gewone suiker omdat hier pectine en citroenzuur in zit. Dit is bij de pectine-arme aardbeien nodig is om de jam te laten geleren.
  • Breng de aardbeien met de geleisuiker aan de kook en laat een aantal minuten zachtjes koken.
  • Steek een lepel in de jam en haal deze er weer uit. Laat de jam op de lepel afkoelen. Wordt de jam stevig? Dan is deze goed.
  • Afhankelijk van je voorkeur voor gladde jam of jam met hele aardbeien kan je nog even de staafmixer door het mengsel halen.
  • Giet de jam in de schone potjes die je op een schone handdoek hebt neergezet. Gebruik een brandschone vultrechter om het overgieten te vergemakkelijken.
  • Zorg ervoor dat de randjes van de potjes schoon blijven en draai direct na het vullen de deksels op de pot.
  • Zet de potten 5 minuten op de kop en keer dan weer om en laat rustig verder afkoelen.
  • Als je “klik” hoort zijn je potten goed vacuüm getrokken en zijn ze gesloten circa 6 maanden houdbaar.