Arnhemse meisjes

16/04/2021

Arnhemse meisjes zijn heerlijke koekjes, en zoals zo vaak zit het succes van iets in de eenvoud. In het allereerste recept werden de koekjes waarschijnlijk gemaakt van een gegist deeg, maar inmiddels kent bijna iedereen de koekjes voornamelijk op deze wijze: van knapperig, gelaagd en bros bladerdeeg met een laagje suiker erop. Ik heb in dit geval mijn bladerdeeg zelf gemaakt, maar kant en klaar bladerdeeg uit de supermarkt voldoet ook.

Ingrediënten:

  • 200 gram korstbloem
  • 4 gram zout
  • 120 gram koud water
  • 180 gram ongezouten roomboter op kamertemperatuur (gebruik roomboter die op kamertemperatuur vrij stevig blijft, dit zijn meestal de wat goedkopere botersoorten. Melkan roomboter werkt goed, AH basic ook, maar die vind ik zelf qua smaak wat minder. Hanos eigen merk werkt ook heel goed)
  • grove kristalsuiker

Werkwijze:

  • Meng bloem en zout in een kom.
  • Voeg water toe en kneed het geheel tot een soepel deeg waar je net geen vliesje van kunt trekken.
  • Verpak het deeg in huishoudfolie en leg in de koelkast.
  • Leg de roomboter in het midden van een vel bakpapier en leg hier een ander vel bakpapier boven op.
  • Vouw dicht op 30 x 15 cm en druk de vouwen goed dicht met je nagels.
  • Keer het pakketje op zodat de open kant van de vouwen naar onder ligt.
  • Rol de roomboter uit op 30 x 15 cm.
  • Leg het pakketje in de koelkast en laat in ieder geval een half uur liggen.
  • Rol het deeg op een licht met bloem bestoven werkblad uit tot 30 x 30 cm.
  • Trek een laag bakpapier van de boter.
  • Leg het pakketje met de boterkant naar beneden in het midden van het uitgerolde deeg.
  • Druk het geheel aan met een deegschraper (niet met je handen zodat de boter koel blijft).
  • Trek het resterende bakpapier van de boter.
  • Vouw de beide zijkanten van het deeg over de boter heen zodat de randjes elkaar net raken.
  • Rol lichtjes aan met een deegroller.
  • Vouw het deeg nu vanaf de open kant van de vouw in drieën.
  • Draai het deeg een kwartslag en vouw nog eens vanaf de open kant van de vouw in drieën.
  • Rol het deeg met lichte druk uit met een deegroller.
  • Vouw op de voorgaande manier nog eens 2 keer in drieën.
  • Verpak het deeg in huishoudfolie en leg in de koelkast gedurende 30 minuten.
  • Rol het deeg voorzichtig uit op een licht met bloem bestoven werkblad en vouw nog eens 2 x in drieën.
  • Verpak wederom in het huishoudfolie en leg nog eens een half uur in de koelkast.
  • Rol het deeg op een licht met bloem bestoven werkblad uit tot 5 mm. dikte.
  • Steek met een ronde steker van 5 cm zo efficiënt mogelijk rondjes uit. (restjes deeg zijn niet nog eens met mooi resultaat te gebruiken.)
  • Rol elk plakje licht uit tot een ovaal stukje.
  • als het deeg is aangedroogd, spuit je met een plantenspuit op de vernevelstand iets water op het deeg.
  • Leg het plakje vervolgens in de grove kristalsuiker. Door het vocht zal dit aan het deeg blijven plakken.
  • Leg de plakjes met enige afstand tot elkaar op een met bakpapier beklede bakplaat.
  • Verwarm de oven voor op 210 graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte.
  • Bak de koekjes 15 minuten tot ze goudbruin zijn, maar de suiker nog niet gesmolten.
  • Laat ze afkoelen op een rooster.

Bron: eigen recept.

Geef een antwoord

Uw reactie wordt geplaatst na goedkeuring van de site-beheerder. Vereiste velden zijn gemarkeerd met een *.
Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.