Appel-rozijnen cupcakes met citroentopping

Onze jongste zoon wilde graag weer eens bakken. Hij had in zijn hoofd dat ik hem gewoon wat ingrediënten zou toeschuiven en dat hij er dan wat van zou maken. Dat vond ik prima, maar ik heb hem daarbij wel verteld dat je als je bijvoorbeeld een cake wilt maken, je een heel andere werkwijze en een bepaalde verhouding in ingrediënten hebt dan bij bijvoorbeeld brood. Dat maakt ook dat je eerst bepaalde basisvaardigheden onder de knie moet hebben voordat je zo met een paar ingrediënten het doel kan bereiken dat je voor ogen hebt. Dat snapte meneer wel, maar hij moestwel even schakelen. Dus zochten we samen het recept voor een basiscake en kon hij aan de slag. Wat ik zo leuk vind is dat hij in zijn hoofd alle smaken al combineert, alsof hij ze in zijn hoofd proeft. Dat hij dat heel aardig (lees behoorlijk goed 😉 ) kan, blijkt uit het lekkere eindresultaat: appel-rozijnen cupcakes met citroentopping, waarbij alle eer voor het idee naar mijn zoon gaat. De rozijnen trekken nog wat vocht uit het beslag waardoor de cakejes wat sneller droog worden. Wil je dit voorkomen, dan laat je de rozijnen een half uurtje weken, laat ze een nacht uitlekken en gebruik ze dan pas. Wentel deze dan net als de appelstukjes even door een beetje bloem zodat de vulling niet naar beneden zakt. Dit recept is goed voor 12 cakejes.

Ingrediënten:

voor het cakebeslag:

  • 150 gram ongezouten roomboter op kamertemperatuur
  • 150 gram kristalsuiker
  • 150 gram losgeklopt ei op kamertemperatuur (ca. 3 eieren maat M)
  • 150 gram zelfrijzend bakmeel
  • 80 gram droge rozijnen (eventueel wellen zoals hierboven beschreven)
  • 100 gram geschilde en in blokjes gesneden Jonagold appel
  • beetje bloem

Topping:

  • 60 (voor kleine toeven 45) gram ongezouten roomboter op kamertemperatuur
  • 45 ( voor kleine toeven 34) gram roomkaas
  • 250 (voor kleine toeven 188) gram poedersuiker
  • 25 (voor kleine toeven 19) gram citroensap
  • 4 blokjes grofgehakte pure chocolade
  • eventueel ter decoratie: 3 gedroogde schijfjes citroen in vieren gesneden.

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte.
  • Bekleed een cupcakevorm met papieren cupcakevormpjes.
  • Klop in een kom de roomboter met de suiker voor het cakebeslag luchtig tot deze bijna wit van kleur is.
  • Voeg beetje bij beetje het ei toe en klop tot alles opgenomen is.
  • Spatel voorzichtig het zelfrijzend bakmeel door het beslag.
  • Doe de rozijnen en de stukjes appel in een kom en haal deze door een beetje bloem. Dit voorkomt dat ze naar beneden zakken tijdens het bakken.
  • Spatel voorzichtig de vulling door het beslag.
  • Vul elk cupcakevormpje met beslag.
  • Zet de tray in het midden van de oven en bak bij 175 graden Celisus gedurende ca. 30 minuten tot ze gaar en goudbruin zijn. Prik met een satéprikker in een cakeje, komt deze er schoon uit, dan is het cakeje gaar.
  • Haal de cakejes uit de tray en laat afkoelen op een rooster.
  • Maak ondertussen de topping door de boter wit op te kloppen met een mixer.
  • Klop er vervolgens de roomkaas door.
  • Tot slot in delen de poedersuiker (begin met de laagste stand om te mixen…) en de citroensap erdoor kloppen.
  • Is de topping erg dun, zet hem dan eventjes weg in de koelkast tot deze goed spuitbaar is.
  • Spuit afhankelijk van je voorkeur grote of kleine toeven op de cakejes.
  • Hak de blokjes chocolade in grove stukken en bestrooi elke toef met een beetje chocolade.
  • Steek er eventueel een kwart plakje gedroogde citroen in ter decoratie.

Bron: eigen recept (van mijn zoon) 😉

 

Frisse appelcake

Hoi ik ben Niels 10 jaar, ik ben de zoon van Mannin. En ik vond het ook wel eens leuk om wat te schrijven voor het blog.
Voordat ik de appelcake ging maken moest ik eerst natuurlijk de juiste ingrediënten zoeken.
We hadden geen appels meer in huis en het regende buiten, maar gelukkig hingen er nog 2 appels aan de boom. Dus ik ging rennend naar buiten om de appels te plukken en gelukkig waren ze rijp. Daarna kon ik aan de bak, maar eerst moest ik de andere ingrediënten klaarzetten. Gelukkig hadden we verder alles in huis want het kan soms zijn dat sommige ingrediënten op zijn. De kans daarop is vooral groot als je een moeder hebt die super vaak bakt! Eerst moest ik nog afwegen toen dat klaar was kon ik beginnen. Soms had ik wat hulp nodig maar uiteindelijk ging de cake toch in de oven en na een paar minuten begon het al lekker te ruiken. Toen moest ik de cake uit de oven halen en even laten af koelen. Nog even de jam er over smeren. en klaar was de taart. Mijn vriendje was morgen jarig dus toen kwam ik op het idee om hem een stuk te geven! Hij was er erg blij mee!

Ingrediënten

Droge benodigdheden:

  • 135 gram tarwebloem
  • 40 gram amandelmeel
  • 8 gram bakpoeder
  • 2 gram zout
  • 135 gram suiker
  • 1,5 gram gemalen kaneel

Vochtige ingrediënten:

  • 75 gram zonnebloem olie
  • 125 gram volle yoghurt
  • 150 gram losgeklopt ei
  • 8 gram citroen rasp

Voor de rest nodig:

  • Bakspray om in te vetten
  • 2 appels (wij gebruikten Elstar)
  • 20 gram citroen rasp
  • 45 gram suiker
  • 3 gram kaneel
  • twee eetlepels abrikozen jam

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius (conventioneel met onder- en bovenwarmte)
  • Bekleed de bodem van de ronde springvorm van 22 cm. met bakpapier.
  • Vet de springvorm in met bakspray.
  • Doe al de droge benodigdheden in een kom.
  • Roer door met een stevige lepel
  • Doe hier alle vochtige benodigdheden bij.
  • Roer goed door totdat het gemengd is en het goed beslag wordt.
  • Giet het beslag in de springvorm.
  • Was de appels goed af zodat ze lekker fris zijn.
  • Snijd de appels in kwarten en haal het klokhuis eruit.
  • Snijd partjes van de appelstukjes van ongeveer en halve cm dik.
  • Doe het citroensap met de suiker en kaneel in een kom.
  • Meng de appelstukjes er doorheen totdat ze allemaal bedekt zijn met kaneel en suiker.
  • Rangschik de partjes in een mooie volgorde op het beslag.
  • Bak de taart 30 tot 40 min tot hij mooi goudbruin is en gaar van binnen. Dit test je met een satéprikker. Steek hem in het midden van de cake. Komt hij er schoon weer uit dan is de cake klaar. Is hij nog nat en vies, dan moet de cake nog eventjes verder bakken.
  • Laat de cake goed afkoelen.
  • Wanneer hij goed afgekoeld is haal je hem uit de springvorm.
  • Verwarm de abrikozen jam in een pannetje.
  • Doe er een eetlepel water bij en roer deze los.
  • Bestrijk de cake met een kwastje tot hij helemaal glimt van de jam.
  • Eten maar! Hopelijk smaakt hij jou ook goed!

Bron: “Bakbijbel, Rutger bakt van a tot z” van Rutger van den Broek.

Chocoladetaart met amandel en peer

Denk aan chocolade, peren, amandelen en kardemom… Dat klinkt als een hemelse combinatie, toch? Samen met mijn jongste zoon toog ik de keuken in en samen maakten we deze overheerlijke taart en zo kwamen we erachter dat deze combinatie inderdaad heel goed werkt! Het recept is geïnspireerd op een recept uit het boek “Kaneel en kardemom” van Anne Shooter. Ik heb het boek al een hele tijd in de kast en heb genoten van de mooie foto’s en de fijne verhalen die bij ieder recept staan, maar had er nog niets uit gebakken. Zoonlief had dit recept uitgezocht en zo kon daar verandering in komen. Ik voegde naar eigen inzicht kardemom en wat gember toe voor een extra kruidige touch. Ook de decoratie heb ik naar eigen inzicht aangepast. In het boek stond enkel een afwerking met chocoladeglazuur. Ik heb deze aangevuld met gebakken stukjes peer. Dit komt zowel het uiterlijk als de fruitigheid van de taart ten goede. Deze taart bevat relatief weinig  toegevoegde suiker, slechts 125 gram voor de hele taart (plus heel iets uit de chocoladereep). Je snijdt in ieder geval 10/12 stukjes van deze taart, dus per stukje valt het suikergehalte voor een taart best mee. De taart wordt gebakken in een ronde springvorm van 22 cm.

Ingrediënten:

Voor de taart:

  • 175 gram pure chocolade (het boek raadt een cacaopercentage van 70% aan)
  • 125 gram ongezouten roomboter
  • 125 gram fijne kristalsuiker
  • 200 gram amandelmeel
  • 2,5 gram gemalen kardemom
  • 85 gram eidooier
  • 3 geschilde peren, ontdaan van het klokhuis (wij namen conference)
  • 120 gram eiwit
  • snufje zout

Afwerking:

  • 50 gram ongezouten roomboter
  • 75 gram pure chocolade (cacaogehalte van 70% wordt in het boek aangeraden)
  • 1 (conference) peer, geschild en ontdaan van het klokhuis
  • klontje ongezouten roomboter
  • Eventueel een topje uit een muntplant ter decoratie

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte.
  • Begin met het maken van de taart.
  • Smelt de chocolade au bain-marie in een kom bovenop een pan met zacht kokend water.
  • Meng de boter en suiker met een mixer in een kom en klop deze wit en luchtig.
  • Spatel er voorzichtig het amandelmeel en de kardemom doorheen.
  • Klop dan in twee delen de eidooiers door dit mengsel.
  • Snijd de peer in blokjes en meng deze door het beslag.
  • Klop in een andere, vetvrije kom het eiwit samen met een snufje zout op tot stevige, glanzende pieken.
  • Spatel het eiwit voorzichtig door het beslag tot je geen witte vlokken meer ziet.
  • Leg een vel bakpapier op een losse springvormboden van 22 cm en zet hier de ring op en sluit deze.
  • Vet de vorm in met wat bakspray.
  • Giet het beslag voorzichtig in de springvorm en strijk glad met een spatel.
  • Zet in het midden van de voorverwarmde oven en bak gedurende 50 minuten tot de taart stevig aanvoelt.
  • Laat een klein half uurtje in de vorm afkoelen. Ontvorm en zet op een rooster. Dit gaat het makkelijkste als je twee roosters hebt. Eerst zet je een rooster op de bovenkant van de taart en keert deze op de kop. De taart ligt nu op de kop op het rooster. Pak een tweede rooster en leg deze op de onderkant die bovenop ligt. Houdt beide roosters vast en keer de taart om. De bovenkant ligt nu weer boven. Haal het rooster dat nu boven ligt weg en laat de taart verder afkoelen.
  • Smelt au bain-marie de chocolade en roomboter voor de topping.
  • Laat iets afkoelen tot het mengsel yoghurtdikte heeft bereikt.
  • Giet op de nog iets warme taart en verdeel goed over de bovenkant.
  • Snijd de peer in plakjes over de lengte en bak deze in een hete koekenpan met roomboter.
  • De peer moet iets karameliseren voor een mooi effect.
  • Schik de plakjes peer op de taart en werk af met een topje munt.

Bron: naar eigen inzicht aangepast recept uit “Kaneel en kardemom” van Anne Shooter.

 

Rode bieten- en chocoladetaart

De moestuin gunt ons weer een ontzettende overvloed, nog steeds voel ik me rijker dan rijk als ik met oogst uit eigen tuin de keuken in huppel om daar wat lekkers te maken! Soms komt het ook voor dat de overvloed zo groot is, dat met normaal eten niet alles komt. Dan komen bewaarmethodes als wecken, invriezen en drogen om te hoek kijken. Op dit moment ligt onze vriezer dan ook vol met geblancheerde tuinbonen, wortelen, snijbonen en andere groenten uit eigen tuin. De rode bieten die ik uit eigen tuin haalde, zijn voor een deel direct op ons bord beland en voor een deel in deze heerlijke rode bieten- en chocoladetaart. De taart heeft een heerlijke bietensmaak die perfect gecomplementeerd wordt door de chocoladesmaak. In Amerika heet deze taart “Red velvet cake” en wordt er naast (of soms in plaats van) de bieten een flinke lading kleurstof gebruikt voor een rode kleur. Ik gebruikte geen kleurstof en de kleur is dan ook niet knalrood. Helemaal niet erg, want hij was verschrikkelijk lekker om te eten! De frisse crème met citroen wisselt heerlijk af met de wat aardse smaken. Bak de taart in een hoge springvorm met een diameter van 20 cm. De taart is vrij machtig, snijd kleine stukjes. Er passen makkelijk 12 uit deze taart.

Ingrediënten:

Taart:

  • 250 gram verse bieten, geschild
  • 200 gram pure chocolade
  • 200 gram ongezouten roomboter
  • 200 gram ei (ca. 4 eieren maat M)
  • 200 gram fijne kristalsuiker
  • 200 gram tarwebloem
  • 7 gram bakpoeder, gezeefd
  • 1 zakje vanillesuiker á 8 gram
  • evt. rode kleurstof

Crème:

  • 100 gram ongezouten roomboter op kamertemperatuur
  • 150 gram roomkaas
  • 300 gram poedersuiker
  • 30 gram citroensap
  • eetbare parels, stukje chocolade en iets gedroogd bietenrasp ter decoratie.

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte
  • Bekleed een hoge springvorm van 20 cm met bakpapier. Ik haal de ring los van de bodem, leg een vel bakpapier over de bodem en zet vervolgens de ring vast. Wat uitsteekt knip ik af.
  • Spray de vorm in met wat bakspray.
  • Rasp de rode bieten met een fijne rasp.
  • Hak de chocolade fijn.
  • Smelt de boter in een steelpan op een laag vuur.
  • Als de roomboter gesmolten is, roer je de chocolade hierdoorheen tot ook deze gesmolten is.
  • Klop met een mixer de eieren met de suiker op tot een luchtige, lichtgele massa.
  • Zeef in een andere kom de bloem, bakpoeder en vanillesuiker.
  • Spatel het bloemmengsel voorzichtig door de opgeklopte eieren.
  • Spatel vervolgens hier voorzichtig de chocolade doorheen.
  • Spatel hierna ook de rode bieten rasp -en eventueel wat rode kleurstof als je dat wilt- voorzichtig door het beslag.
  • Giet het beslag voorzichtig in de vorm en bak in het midden van de oven gedurende 50-60 minuten tot de taart goed gaar is. Dit kan je controleren door een satéprikker aan het einde van de baktijd voorzichtig in het midden van de taart te steken. Komt deze er schoon weer uit, dan is de taart gaar.
  • Zet de taart op de kop op een rooster en laat een 10-15 minuten zo staan.
  • Ontvorm voorzichtig.
  • Klop de roomboter voor de crème in een kom tot deze wit en luchtig is.
  • Voeg de roomkaas toe en klop nogmaals goed door tot alles een witte crème is.
  • Tot slot de poedersuiker en het citroensap er rustig doorheen kloppen tot alles is opgenomen.
  • Als de taart is afgekoeld snijd je deze in 5 gelijke lagen. Dit gaat heel makkelijk met een taartenzaag: een metalen draadje, liefst gekarteld, tussen twee ijzeren pootjes.
  • Bestrijk elke laag met een laagje crème en bouw de taart zo om en om op.
  • Tot slot bestrijk je de taart aan de boven- en buitenkant met de crème.
  • Werk de onderste rand af met wat glanzende, eetbare pareltjes, rasp wat chocolade over de bovenkant en leg hier en daar iets gedroogd bietenrasp ter decoratie.
  • Zet in de koelkast om op te stijven.

Dit recept komt uit een Noors bakboek dat ongetwijfeld mijn favoriete bakboek is: “Slikkepott, hundre fristende kakeoppstkrifter” geschreven door Lise Finckenhagen. Wie in Noorwegen komt en niet bang is om Noors te lezen, moet dit boek zeker aanschaffen!

Chocoladeplaatkoek

Het is vakantie en wie kinderen heeft kent dan vast wel de kreet “ik verveel me zo” die door het huis galmt. Natuurlijk moeten mijn jongens van 8 en 10 zich ook zelf leren vermaken (en dat doen ze vaak ook), maar vandaag had ik een leuke uitdagende opdracht bedacht voor hen. Die opdracht was: “vertaal een recept uit het Noors, werk samen en maak het recept”. Eerst vertaalden ze samen het recept, toen werden de benodigde ingrediënten verzameld en wat ontbrak mochten ze in de supermarkt gaan halen. Vervolgens plannen en het recept stap voor stap uitvoeren. Daarbij moesten ook nog de Noorse volumematen omgerekend worden naar de Nederlandse grammen. Ongemerkt hebben ze een heleboel geleerd! Ze zijn een hele tijd met de opdracht zoet geweest, maar toverden daarna wel een heerlijke chocoladeplaatkoek uit de oven die enthousiast versierd werd met musket. Gebruik roze of blauw voor bijv. een babyshower of meisjes- of jongens verjaardag en de standaard discodip voor een “gewoon” feestelijk uiterlijk. Je kunt van deze plaatkoek 24 zeer royale stukken snijden. Dat zijn er nogal wat, dus mochten de jongens bij de buren langs om wat weg te geven. Er kwamen zeer positieve reacties op deze koek. De uitkomst hadden eigenlijk wat compacter (zoals een brownie) moeten zijn, maar omdat de eieren opgeklopt werden, is het een cake-achtige koek geworden die ik eigenlijk veel lekkerder en minder machtig vind smaken. De koek wordt gebakken in een rechthoekige bakvorm van ca. 25 x 35 cm.

Ingrediënten:

  • 200 gram ei (ca. 4 eieren maat M)
  • 450 gram kristalsuiker
  • 250 gram ongezouten roomboter, gesmolten en weer afgekoeld tot minder dan 50 graden Celsius
  • 360 gram patentbloem
  • 12 gram bakpoeder
  • 15 gram vanillesuiker
  • 21 gram cacaopoeder
  • 250 gram halfvolle melk
  • 125 gram witte chocolade

Glazuur:

  • 140 gram ongezouten roomboter
  • 2-4 el. koffie
  • 100 gram pure chocolade, grofgehakt
  • 100 gram melkchocolade, grofgehakt
  • 250 gram poedersuiker
  • 10 gram vanillesuiker
  • musketzaad of andere strooisels

 

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 180 Graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte.
  • Bekleed een rechthoekig bakblik van ca. 25 bij 35 cm met bakpapier.
  • Roer de eieren en suiker door elkaar of als je zoals wij een wat luchtiger resultaat wilt hebben, dan mag je ze goed opkloppen met een mixer tot een luchtig geheel.
  • Zeef in een andere kom de bloem, bakpoeder, vanillesuiker en cacaopoeder en roer dit goed door elkaar.
  • Mix op lage stand om de beurt wat van het droge bloemmengsel en dan weer wat melk door het eimengsel en blijf hiermee doorgaan tot alles is opgenomen tot een glad beslag.
  • Giet het beslag in de vorm.
  • Snijd elk blokje chocolade in vieren en verdeel de witte chocolade over de bovenkant van het beslag. Tijdens het bakken zakt de chocolade vanzelf in het beslag.
  • Bak gedurende 30-35 minuten in het midden van de oven tot de chocoladeplaatkoek gaar is. Steek een satéprikker in het midden van de koek en trek deze er weer uit. Als de prikker er schoon en droog uit komt is de koek gaar.
  • Laat de koek afkoelen op een rooster.
  • Smelt de boter voor het glazuur in een steelpan.
  • Haal de pan van de hittebron en voeg de melk en de pure chocolade toe.
  • Roer door elkaar tot een glad mengsel.
  • Zeef dan poedersuiker en vanillesuiker erbij en roer tot er een glad glazuur ontstaat.
  • Is het glazuur te stevig, dan kan je dit aanlengen met wat lauw water tot de juiste dikte.
  • Smeer het chocoladeglazuur uit over de chocoladeplaatkoek (er kon nog best wat chocolade bij! 😉 )
  • Strooi direct musketzaad of andere strooisel op het glazuur.
  • Zet weg in de koelkast om op te laten stijven en snijd dan in het gewenste formaat.

Bron: dit recept is geïnspireerd op het recept voor “sjokoladelangpanne” uit het Noorse boek “Slikkepott” geschreven door Lise Finckenhagen. Een geweldig boek dat je niet mag laten liggen als je in een Noorse boekhandel komt!

Cupcakes met een muisje

Gisteren was het dan eindelijk zover, onze jongste zoon werd 8 jaar. Al wekenlang had hij naar deze dag uitgekeken. Cadeautjes uitgezocht, bedacht wat hij wilde eten, wie er op zijn verjaardag moest komen, wat hij op zijn feestje wil doen, waar hij op wilde trakteren enz. Het kinderfeestje moet nog komen, maar met alle andere dingen is het dik in orde gekomen en dus zijn de meeste zorgen voorbij. Hij had een geweldige dag en met deze super traktatie veroorzaakte hij een tijdelijke muizenplaag op zijn school. Gelukkig wisten de kinderen uit zijn klas heel goed wat ze tegen muizen moesten doen en was de plaag snel voorbij! Omdat je een paar simpele basisvormen gebruikt bij het boetseren hoef je geen kunstenaar te zijn om dit recept te kunnen maken. Dit recept is goed voor ca. 25 cakejes.

Ingrediënten:

  • 250 gram ongezouten, zachte roomboter op kamertemperatuur
  • 250 gram fijne kristalsuiker
  • 250 gram losgeklopt ei op kamertemperatuur
  • 250 gram zelfrijzend bakmeel
  • 50 gram ongezouten, zachte roomboter op kamertemperatuur
  • 50 gram poedersuiker
  • 1 pakje á 250 gram gele fondant
  • 1 pakjes á 250 gram witte fondant
  • klein beetje zwarte fondant (ca. 25 gram)
  • water en evt. wat tylopoeder voor het vastplakken

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius, conventioneel met onder- en bovenwarmte.
  • Klop de boter met de suiker met een (stand)mixer met garden goed luchtig op tot deze licht van kleur is.
  • Voeg beetje bij beetje de eieren toe en klop na elke keer ei toevoegen goed verder tot alles goed is opgenomen.
  • Klop als al het ei erbij zit nog goed door tot alles echt goed is opgenomen.
  • Zeef het zelfrijzend bakmeel boven de kom en spatel dit door het mengsel tot het goed verdeeld is.
  • Gebruik cupcaketrays die je vult met papieren vormpjes. Vul deze vormpjes voor 3/4 met beslag.
  • Ik bak liever na elkaar, dan meerdere lagen tegelijk.
  • Zet de cupcaketray net iets onder het midden van de oven op een rooster en bak gedurende ca. 25 minuten tot ze gaar zijn. Als je in het midden drukt veert de cupcake weer omhoog of als je er een prikker in steekt, komt deze er droog uit.
  • Laat afkoelen op een rooster en bak door tot het beslag op is.
  • Klop de boter voor de botercrème los en voeg dan de poedersuiker toe en klop door tot de boter helemaal wit geworden is. Dit kloppen kan best een tijdje duren.
  • Smeer op elk cakeje een dun laagje botercrème.
  • Rol op een licht met poedersuiker bestoven werkblad gele fondant uit. Niet al te dun, anders zijn de gaten erg lastig te maken.
  • Steek met een ronde steker die even groot is als de bovenkant van de cupcakes rondjes uit en leg deze op de met botercrème besmeerde cupcakejes.
  • Gebruik een speciale modelling tool met een groot en een klein bolletje erop om de gaten in de kaas te duwen. Pas op dat je er niet doorheen drukt! Deze modelling tools (of boetseerstaafjes) zijn vrij goedkoop bij o.a. xenos en blokker te krijgen.
  • Maak van de witte fondant bolletjes van ca. 7 á 8 gram door deze tussen je handen te rollen.
  • Plat een kan wat af, leg op de zijkant en rol tot een kegel. Houd de basis breed en rol het niet te langwerpig uit.
  • Duw met het smalle bolletje van de modelling tool gaatjes waar de ogen moeten komen en waar het neusje komt.
  • Rol piepkleine zwarte stukjes tot bolletjes voor de oogjes en wat grotere zwarte bolletjes voor het neusje.
  • Smeer met een klein kwastje iets water of water gemengd met tylopoeder op de plek waar de oogjes en het neusje moeten komen en duw deze op hun plek.
  • Rol een plak witte fondant uit op een licht met poedersuiker bestoven werkblad.
  • Steek met een ronde plunge cutter (ook bij o.a. xenos voor een klein bedragje te koop) van ca. 1,4 cm de oortjes uit.
  • Druk elk rondje op een zachte maar toch stevige ondergrond met het grootste bolletje van de modelling tool diepte in elk oortje. Het beste gaat dit als je iets poedersuiker op het oortje stuift en de tool met draaiende bewegingen over het rondje fondant heen haalt. Eindig de ronddraaiende beweging met een beweging aan een kan naar buiten, hier kan je het oor aan het kopje plakken. Doe dit wederom met iets water of water met tylopoeder.
  • Rol staartjes van de witte fondant en plak deze met een kronkel op de gele fondant.
  • Plak vervolgen het kopje met de oortjes op het cakeje en de muizenplaag is compleet! ‘Cheese’cake met muis…wie wil dat nou niet? 😉

Bron: eigen recept



Chocolade-sinaasappelcake

Ik schreef vorige week al dat ik met mijn de jongste samen in de keuken had gestaan om cake te bakken. De appel-karamelcake was niet de enige cake die in de oven stond. Zoonlief had ook helemaal zelf een cake bedacht. Hij wilde graag een cake met chocolade maken. Dus ga ik hem de pure chocolade chunks die ik nog in de kast had liggen. zoonlief proefde en vond dat er ook nog wat sinaasappel bij moest. Gelukkig is mama’s voorraadkast (bijna) onuitputtelijk en kon ik een bakje met gekonfijte sinaasappelschil opduiken. Weer werd er geproefd, ogen gesloten en in zijn hoofd voegde hij de smaken bij elkaar. Hij kwam tot de conclusie dat de taaie sinaasappelschil, de knapperige, bittere chocolade en het zoete en zachte van de cake prima bij elkaar zouden moeten passen, dus meneer ging aan de slag. Apetrots haalde hij de cake uit de oven, wat is het dan lang wachten tot zo’n ding afgekoeld is! Nog trotser werd hij toen we samen een plakje hadden gegeten: berelekker, dus helemaal goedgekeurd! Wat is dat samen bakken toch heerlijk! Dit recept is goed voor één cake, gebakken in een cakevorm van 24 cm. De smaak van de sinaasappelschil komt het best tot zijn recht na twee dagen staan.

chocolade-sinaasappelcake

Ingrediënten:

  • 200 gram ongezouten, zachte roomboter op kamertemperatuur
  • 200 gram fijne kristalsuiker
  • 200 gram ei (circa 4 eieren maat M)
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 100 gram pure chocolade chunks (je kan ook melk nemen als je niet van puur houdt)
  • 60 gram gekonfijte sinaasappelschil, in blokjes gesneden.

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 165 graden Celsius, conventioneel met boven- en onderwarmte.
  • Klop de boter met de suiker op met een (stand)mixer met gardes tot deze wit en luchtig is.
  • Voeg een ei toe en klopt goed zodat dit goed opgenomen wordt. Voeg dan pas het volgende ei toe.
  • Ga zo verder tot alle eieren op zijn.
  • Spatel vervolgens voorzichtig het zelfrijzend bakmeel door het beslag.
  • Spatel de chocolade chunks en de blokjes gekonfijte sinaasappelschil door het beslag.
  • Spuit een cakeblik in met wat bakspray en doe het beslag erin.
  • Strijk een beetje glad en zet onder het midden in de oven.
  • Bak de cake ca. 70 minuten tot deze gaar is.
  • De cake is gaar als je er een satéprikker in prikt en deze er schoon uit komt, of als de kerntemperatuur 95 graden Celsius is.
  • Laat een minuut of twintig afkoelen in de vorm, haal de cake er dan uit en laat verder afkoelen op een rooster.

Bron: eigen recept

 

Appel-karamelcake

Nog steeds ligt de voorraadplek vol met appels. Die dertig kilo die bij ons van de bomen kwam, die heb je niet zomaar op! Naast dat iedereen dagelijks een appel mee naar school en werk neemt en ik er al aardig wat mee gebakken heb en een enorme pan appelmoes heb gemaakt, bedacht ik me dat appel zich ook prima leent om in een cake gestopt te worden! Daarnaast had ik net een bestelling van De Zuidmolen binnen met een zakje met karamelblokjes. De combinatie was snel gemaakt: appels en karamel gaan immers prima samen. Dus ben ik samen met zoonlief de keuken in gegaan en maakten we samen deze heerlijke cake. Het beste is om even een dagje te wachten met opeten. De smaken van de karamel zijn dan beter ingetrokken. Dit recept is goed voor 1 cake, gemaakt in een cakevorm van 24 cm.

appel-karamelcake

Ingrediënten:

  • 200 gram ongezouten, zachte roomboter op kamertemperatuur
  • 200 gram fijne kristalsuiker
  • 200 gram ei (ca. 4 eieren maat M)
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 100-125 gram karamelblokjes
  • 150 gram in blokjes gesneden Elstar appel
  • bloem

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 165 graden Celsius, conventioneel met boven- en onderwarmte.
  • Klop de boter met de suiker op met een (stand)mixer met gardes tot deze wit en luchtig is.
  • Voeg een ei toe en klopt goed zodat dit goed opgenomen wordt. Voeg dan pas het volgende ei toe.
  • Ga zo verder tot alle eieren op zijn.
  • Spatel vervolgens voorzichtig het zelfrijzend bakmeel door het beslag.
  • Haal de appelstukjes door de bloem heen (dit voorkomt dat ze naar beneden zakken) en meng deze samen met de karamelblokjes door het beslag.
  • Spuit een cakeblik in met wat bakspray en doe het beslag erin.
  • Strijk een beetje glad en zet onder het midden in de oven.
  • Bak de cake ca. 70 minuten tot deze gaar is.
  • De cake is gaar als je er een satéprikker in prikt en deze er schoon uit komt, of als de kerntemperatuur 95 graden Celsius is.
  • Laat een minuut of twintig afkoelen in de vorm, haal de cake er dan uit en laat verder afkoelen op een rooster.

Bron: eigen recept.

Magische citroen-maanzaadtaart

Onlangs kreeg ik de vraag van Uitgeverij Becht/Gottmer of ik twee nieuwe boeken van hen wilde reviewen. Nu doe ik dat bijna nooit, maar deze boeken leken me toch wel erg interessant: “Hoe bak ik zuurdesembrood” van Emmanuel Hadjiandreou en het boekje “Magische taarten, 1 beslag – 3 lagen” van Christelle Huet-Gomez. De review over het zuurdesemboek laat nog even op zich wachten, aangezien ik mijn desem “Prutteltje” voor de vakantie vaarwel heb gezegd. Ik moet dus eerst een nieuw desem starten voordat ik met het boek aan de slag kan. En natuurlijk wil ik eerst een recept uit zo’n boek proberen voordat ik er iets zinnigs over wil en kan zeggen. In ieder geval is de eerste indruk van het zuurdesemboek goed, maar hierover dus later meer.

“Magische taarten” is een compact boekje dat voor €9,95 in de winkels ligt. Een uitstekend cadeautje om aan iemand te geven die van bakken houdt dus, of misschien wel een cadeautje aan jezelf! Het boekje bevat veel foto’s, iets waar een beelddenker als ik altijd erg blij van wordt. De eerste paar bladzijden zijn gewijd aan een heldere uitleg over de do’s and don’ts voor het maken van magische taarten. Wat maakt zo’n taart magisch zal je misschien denken? Het grappige is dat met dit beslag, gemaakt met ingrediënten die je veelal standaard in je keukenkastje zult hebben staan, zich tijdens het bakken in drie verschillende lagen scheidt: een vochtige, compacte bodem, een romige, custardachtige middenlaag en een luchtige, angelfoodcake-achtige toplaag. Hoe dat allemaal in zijn werk gaat en waar je op moet letten moet je zelf maar lezen in dit leuke boekje. Nog een laatste positieve opmerking: ik heb een allergie voor boeken waarin bijna alles in eet- en theelepels, snufjes enz. wordt aangeduid. Gelukkig hebben ze het in dit boek enkel hier en daar over een eetlepel water en een enkel snufje zout, de rest staat netjes in grammen.
Ik maakte uit dit boek de citroen-maanzaadtaart, maar ik had net zo goed kunnen kiezen voor de magische vanilletaart, de gezouten boter-karameltaart, de peer-speculaastaartjes of de abrikozen-oranjebloesemtaart. En dat waren natuurlijk niet de enige recepten waar ik uit kon kiezen. Ik vond het spannend of het beoogde proces goed zou gaan, maar gelukkig was dit het geval. Uiteindelijk was het niet eens moeilijk, maar wel anders dan ik gewend ben, dus dat was even goed lezen. Gelukkig is de beschrijving duidelijk. Het resultaat was een magische taart mét de beoogde laagjes die lekker fris en romig, maar niet heel uitgesproken smaakte. Het uiterlijk van de taart is prachtig, echt iets dat je vol trots op tafel kan zetten. Enige nadeel van deze taart is dat je na het eten ervan even de aanwezigheid van maandzaadjes tussen je tanden moet controleren voordat je iemand je breedste glimlach schenkt. Deze taart wordt gemaakt in een springvorm met een diameter van 24 cm

citroen-maanzaadtaart

Ingrediënten:

Taart:

  • 120 gram eiwit van 4 eieren maat M
  • 80 gram eigeel van 4 eieren maar M
  • 150 gram fijne kristalsuiker
  • 125 gram ongezouten roomboter
  • 125 gram bloem
  • 30 gram maanzaad
  • 1 gram zout
  • 400 gram melk op kamertemperatuur
  • 100 gram citroensap (sap van ca. 2 citroenen)
  • 3 gram citroenrasp (van ca. 2 citroenen)

Afwerking:

  • 300 gram slagroom
  • 150 gram mascarpone
  • 45 gram fijne kristalsuiker
  • 1 citroen, geschild en in partjes gesneden
  • maanzaad ter decoratie
  • blaadjes munt ter decoratie

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 150 graden, conventioneel
  • Bekleed een springvorm met bakpapier op de bodem en klem dit vast tussen de ring en de bodem tegen het lekken.
  • Doe de eidooiers met de suiker in een kom en klop dit op met de mixer tot het mengsel luchtig en licht van kleur wordt.
  • Smelt de boter op een laag vuur en giet de nét gesmolten boter (je wilt geen roerei!) over het opgeklopt eigeel.
  • Roer de bloem, het maanzaad en het zout door het mengsel en klop het vervolgens op tot een klontvrij beslag.
  • Voeg scheutje voor scheutje de melk erbij en klop tot het een glad beslag is.
  • Roer het citroensap en de citroenrasp door het beslag.
  • Klop in een andere, compleet vet- afwasmiddel- en zetmeelvrije kom de eiwitten op tot deze luchtig zijn en in pieken blijven staan.
  • Roer de eiwitten voorzichtig met de garde door het beslag. De bedoeling is dat het eiwit in vlokjes in het beslag zichtbaar blijft.
  • Vet de springvorm in met wat bakspray.
  • Giet het beslag in de vorm en strijk dit aan de bovenkant voorzichtig glad.
  • Bak de taart in 50 minuten gaar.
  • Als de taart uit de oven komt is deze in het midden nog wat wiebelig.
  • Laat de taart in de vorm afkoelen en zet deze dan nog 1,5 in de vriezer of 2 uur in de koelkast om op te stijven.
  • Klop de koude slagroom stijf samen met de mascarpone.
  • Voeg de suiker toe als het geheel lobbig begint te worden.
  • Bestrijk de taart met de opgeklopte slagroom.
  • Ik heb de zijkant redelijk vol gezet met maanzaad. De hoeveelheid hiervan kan je natuurlijk zelf bepalen.
  • De bovenkant heb ik versierd met van schil ontdane partjes citroen die ik in een waaier legde. Helaas merkte ik wel dat de slagroom na een dag hierdoor bitter werd, warschijnlijk door enzymen die een reactie met de room aan gaan. Verstandig is om de citroen eerst even door (bijv. Taartina) afdekgelei te halen alvorens deze op de taart te leggen.
  • Met blaadjes munt maakte ik het geheel af.

Magische-taarten

Bron: “Magische taarten” door Christelle Huet-Gomez

Rode bessen cake

Elk jaar is er wel iets in de moestuin dat voor een enorme overvloed zorgt. Drie jaar terug kwamen we om in de sperziebonen en courgettes, Twee jaar terug waren het de aardbeien en augurken die ons verrasten, vorig jaar waren het de tuinbonen die voor hoofdbrekens zorgden en dit jaar zijn het de frambozen die ons versteld doen staan. Omdat ik de struik vergeten was te snoeien had ik begin dit seizoen weinig hoop op een goede oogst. Niets bleek minder waar te zijn, ik heb al ruim drie bakken van 1,2 kg van de struik gehaald die we zo uit de hand op hebben gegeten. Gisteravond kwam er nog eens 1,7 kg bij en werd het tijd om daar jam van de maken. Heerlijk! En wat voelt het rijk om een rij potten met zelfgemaakte jam in je kast te hebben staan! Ook de rode-, witte- en kruisbessen doen dit jaar erg goed hun best. De koelkast staat op dit moment compleet gebarricadeerd met fruit! Tijd om er wat lekkers mee te maken! Om te beginnen maar eens deze rode bessen cake met kardemom die ik vond op een Noorse website. De Noren weten wel raad met het verwerken van fruit uit eigen tuin en samen met kruiden maken ze de lekkerste combinaties. Zo ook deze cake waar we met zijn allen van hebben zitten smullen! En die kleuren…daar krijg je toch spontaan ontzettende trek van! De cake is in ieder geval goed voor 16-20 stukken.

rode bessen cake

Ingrediënten:

  • 150 gram ongezouten roomboter
  • 50 gram halfvolle melk
  • 150 gram ei (3 eieren maat M)
  • 300 gram fijne kristalsuiker
  • 2 gram kardemom
  • 300 gram patentbloem
  • 9 gram bakpoeder, gezeefd
  • 20 gram vanillesuiker
  • 335 gram rode bessen, van de steeltjes gehaald
  • poedersuiker of decoratiepoeder
  • blaadjes munt

Werkwijze:

  • Verwarm de oven voor op 175 graden (conventioneel).
  • Vet een rechthoekig bakblik of verstelbaar bakframe van 25 x 30 cm in met bakspray. Zet bij gebruik van een bakframe deze op een met bakpapier beklede bakplaat.
  • Smelt de boter en giet de melk erbij.
  • Klop het ei samen met de fijne kristalsuiker op tot een luchtig mengsel.
  • Roer de gesmolten boter met melk door het eimengsel en voeg de kardemom toe.
  • Meng in een kom de bloem, het gezeefde bakpoeder en de vanillesuiker.
  • Zeef dit op het eiermengsel en meng tot alle klontjes eruit zijn.
  • Giet het beslag in de vorm en verdeel globaal.
  • Sprenkel 3/5 van de rode bessen over het beslag.
  • Bak de cake in de onderste helft van de oven in ca. 32 minuten tot deze goudbruin en gaar is. Dit is hij als hij weer omhoog veert als je er zachtjes met je vinger op drukt.
  • Laat afkoelen en ontvorm.
  • Bestrooi met poedersuiker of decoratiepoeder en decoreer met de overgebleven rode bessen en de blaadjes munt.

rode bessen cake close-up

Bron: http://www.tine.no/oppskrifter/kaker/frukt-og-barkaker/ripskake